Lobby

Lobbyen is het praten en contacten onderhouden met politici, ambtenaren en belangen -groeperingen met het (uiteindelijke) doel hun besluiten te beïnvloeden.

Lobbyen moet je in de praktijk leren, dus een handleiding over hoe precies te lobbyen is niet te geven. Zowel voor beginners als gevorderden is een aantal praktische ideeën en aandachtspunten bijeengebracht. Voor de eersten bieden die een handreiking hoe de lobbywerkzaamheden te beginnen. Omdat zij sommige punten niet aan hun eigen ervaring kunnen koppelen, raden we deze lezers aan na enige tijd dit hoofdstuk nog eens te lezen. Mensen die reeds ervaring hebben doen er wellicht nieuwe ideeën mee op.

Het begin

Aanleidingen om te beginnen met lobbyen

Om actief te gaan lobbyen heb je een aanleiding nodig. Die kan van alles zijn, bijvoorbeeld:

  • er komen verkiezingen
  • de gemeente brengt een verkeersplan uit of wil een straat wil herinrichten je reageert hierop, omdat je denkt dat het beter kan
  • een dramatisch ongeval – je grijpt dit aan om meer veiligheid te vragen; trek wel gezamenlijk op met betrokkenen (familie, school)
  • ontevreden geluiden uit een buurt – je inventariseert knelpunten en kaart deze aan bij de ambtenaren en de politiek
  • de vestiging van een school kan een veiliger schoolomgeving nodig maken – ga bijvoorbeeld met de schoolleiding of een ouder naar de wethouder

Informatie

Informatie is van vitaal belang bij lobby- activiteiten. Allereerst zul je de weg moeten weten. Informeer dus op het stadhuis naar vergaderdata en agenda’s. Het is altijd mogelijk om raadsstukken op de gemeentesite op te halen of een abonnement op de raadsstukken te krijgen. Soms kun je ook, bijvoorbeeld met de secretaris van de verkeerscommissie, afspreken dat jullie alle relevante stukken toegestuurd krijgen.

Deskundigheid

Zorg er dan voor dat je deskundig wordt. Als niemand uit je afdeling je kan inwerken, dan kan je altijd bij je Teamlid Vrijwilligers  terecht voor advies. Team Vrijwilligers denkt graag met je mee, ook al ben je het beginstadium voorbij. Vaak zal het gaan om (één van de volgende) drie gebieden:

  • Verkeerstechnisch
    Voor verkeersinhoudelijke adviezen kan je je licht opsteken elders op VrijwilligersNet bijvoorbeeld via de hoofdingang Fiets & Infra. Ook op de gewone site www.fietsersbond.nl onder ‘De feiten’ en dan bijvoorbeeld ‘Verkeer en veiligheid’. Verder kan je terecht op het landelijk bureau, in eerste instantie bij Team Vrijwilligers, eventueel ook bij de verkeersconsulent. Gebruik die mensen ook!
  • Politiek
    Deze deskundigheid krijg je uit ervaring, door in het spel mee te spelen. Hou de politieke haalbaarheid in de gaten (de slogan ‘Alle auto’s de wereld uit, om te beginnen uit Nederland’ komt belachelijk over en werkt alleen maar averechts).
  • Procedureel of juridisch
    Stuur je zo concreet mogelijke vraag naar Team Vrijwilligers  per e-mail en je probleem wordt behandeld door de Werkgroep Fiets en Recht. Laat duidelijk weten wanneer je antwoord wilt hebben.

Rolverdeling

Lobbyen is een activiteit van meerdere partijen die elk hun eigen rol (moeten) spelen. Ieder zit in dit spel met zijn eigen belangen. De kunst is te zoeken naar oplossingen waarmee iedereen er op vooruitgaat. Een goede lobbyist moet zich dus bijna net zo goed kunnen verplaatsen in zijn gesprekspartner als in zichzelf. Behalve het lobbyen bij politici met tegengestelde belangen moet ook het lobbyen bij potentiële medestanders niet worden vergeten.

Fietsersbelang

Je eigen belang zal wel duidelijk zijn, maar voor de goede orde: je lobbyt voor de fietser namens de Fietsersbond, een belangengroepering voor fietsers met zo’n 35.000 leden. Omdat de Fietsersbond algemeen gezien wordt als de enige belangengroepering voor fietsers, lobby je indirect namens alle fietsers.

Denk vooraf mee en wees alert en duidelijk zichtbaar in de raadscommissie, krant of zelfs in de formele inspraak. Jij komt op voor de fietsbelangen, die andere belangen worden wel behartigd door andere organisaties (of desnoods niet). En de politiek is er om al deze belangen af te wegen.
Naar mensen die zeuren wordt niet geluisterd. Wees niet alleen boos op raadsleden als ze het slecht doen, maar geef ze ook een pluim wanneer ze je in de raad ondersteund hebben.

Belang van je gesprekspartner

Probeer er achter te komen wat het belang is van je gesprekspartner. Die zal willen weten wat er in de verschillende lagen van de maatschappij leeft, willen horen hoe sterk je argumenten zijn en nagaan welke punten uit jouw verhaal hij handig in zijn eigen verhaal mee kan nemen. Hij zal inschatten hoeveel last hij van jou kan krijgen als hij geen rekening met je houdt en zoeken naar manieren om zijn eigen ideeën zodanig vorm te geven dat jij er (beter) mee kan leven. Door je het belang van je gesprekspartner goed te realiseren, kan je je krachtdadiger opstellen en veel effectiever lobbyen. Afhankelijk van de partner kan dit resulteren in een meer samenlevende (symbiotische) relatie of meer in een horzel- koeverhouding.

‘Fietsersbelang’ versus het ‘algemeen belang’

De politiek wil vanuit zichzelf vaak veel minder dan dat je als buitenstaander zou denken. Een politicus is meestal bezig met het zoeken naar de weg van de minste maatschappelijke weerstand en zal vaak een beroep (proberen te) doen op jouw begrip voor de andere belangen die in het geding zijn. Natuurlijk luister je daar goed naar, maar kijk uit: dat je je niet laat meeslepen in de andere belangen. Je eigen achterban moet zich altijd in het gespreksresultaat kunnen vinden. Probeer voor de politicus wel aantrekkelijk te maken dat hij de fietserbelangen behartigt. Tracht je verzoek zo in te kleden dat de politicus duidelijk voordeel ziet in het praten met jou en in het voldoen aan jouw verzoek.

Belangengroepering versus ervaringsdeskundigen

Politici en ambtenaren hebben een natuurlijke reserve jegens belangengroeperingen omdat deze laatste (alleen) hun eigen doel nastreven en daarmee voorbijgaan aan de belangen van alle andere Nederlanders. De politiek moet deze belangen juist tegen elkaar afwegen. Belangengroeperingen zijn vaak niet constructief, ze zijn meestal alleen tegen iets, de zogenaamde NIMBY ­groepen (Not In My Back Yard).
Als lobbyist van de Fietsersbond moet je zorgen niet het predicaat van ‘weer zo’n belangengroepering’ opgestempeld te krijgen (ook al is de bond dat ten dele wel). Als belangrijke verschillen met anderen kan je aanvoeren dat de Fietsersbond:

  • niet alleen (en niet zozeer) een belangengroepering is, maar vooral een groepering van ervaringsdeskundigen. Zodoende kunnen juist wij helpen met het inventariseren van de problemen en meedenken over de oplossingen (dit is meer een wijze van presentatie dan een letterlijke uitspraak).
  • niet alleen opkomt voor haar eigen belang, maar ook voor het algemene milieu- en verkeersbelang

Door goed doortimmerd verkeersinhoudelijk werk te leveren en ook constructief mee te denken, krijg je vanzelf een bepaalde reputatie op dit gebied. Inhoudelijk hoef je het wiel niet uit te vinden: je kan terugvallen op de informatie op het Vrijwilligersnet, de publiekssite www.fietsersbond.nl of het  Team Vrijwilligers;  het CROW-Fietsberaad.

Positief appèl

De Fietsersbond komt op voor de belangen van een zwakkere groep in onze samenleving: de fietsers. Alle politici zullen in ieder geval met de mond belijden sympathiek te staan tegenover de algemene doelstellingen van de Fietsersbond (hoewel ze natuurlijk het feitelijk op veel terreinen met de Fietsersbond oneens zijn). Begin altijd vanuit het positieve appèl, bijvoorbeeld ‘Wij zijn niet tegen auto’s, maar voor fietsen. En om goed te kunnen fietsen moeten er binnen de bebouwde kom minder auto’s komen‘.

Bondgenoten, mede- en tegenstanders

Een goede lobbyist probeert zo veel mogelijk met partners op te trekken. Die zou je kunnen verdelen in bondgenoten (die het vaak met de Fietsersbond eens zijn) medestanders (die het in een bepaald dossier een keer eens zijn met de Fietsersbond) en tegenstanders (die het hetzij nu hetzij vaak oneens zijn met de Fietsersbond).

  • Ga per onderwerp uitgebreid en creatief na wie bondgenoot of medestander zou kunnen zijn en ga niet (alleen) af op je vooroordelen. Zo vind je vaak goede medestanders op plaatsen waar je in eerste instantie niet zo snel aan zou denken: behalve bondgenoot Milieudefensie kan ook de Taxicentrale een warm mede voorstander zijn van een autoluwe binnenstad.
  • Schakel bondgenoten in om jouw boodschap uit te dragen in kringen waar je dat zelf niet makkelijk kan. Ook wíe iets zegt telt: misschien heeft iemand van VVN betere kontakten met bijvoorbeeld de plaatselijke VVD dan jijzelf, dus laat je geluid dan via zo’n bondgenoot horen.

Bijval mobiliseren

  • Informeer bondgenoten en medestanders goed, alleen zo kunnen ze je van dienst zijn
  • Haak aan bij politiek interessante zaken, daarmee hebben jouw onderwerpen meer kans van slagen. Of de herinrichting van een kruispunt nu om verkeersveiligheidsredenen of vernieuwing van de riolering gebeurt doet er niet toe, als het resultaat voor fietsers maar beter wordt.
  • Haak aan bij integrale plannen, voor zover van toepassing, dat kan heel handig zijn voor de financiering van projecten. Wanneer je bijvoorbeeld lobbyt voor een rondfietspad om de binnenstad heen als onderdeel van het Masterplan voor de verbouwing van de gehele binnenstad is de kans op succes veel groter.

Tegenstanders

  • Laat tegenstanders bij voorkeur in het ongewisse, zodat ze jouw kennisvoorsprong niet voor hun eigen doeleinden gaan gebruiken

Laat je zien en luister
Mensen moeten je tegenkomen, je zien en horen spreken, bekend worden met jou en je doelstellingen.

  • Spreek in op commissievergaderingen
  • Ga praten met ambtenaren, wethouders en politici en toon ook je belangstelling voor hun bezigheden, pas dan mag je hun belangstelling voor jouw problemen verwachten
  • Bouw een netwerk op
  • Bied mogelijkheid voor discussie
  • Wees geïnformeerd over het verloop van de procedure, vergaderdata en beslissingsmomenten van de gemeenteraadscommissie verkeer (abonneer je op de raadscommissiestukken of kijk op de website van je gemeente of van het planproject)

Om goed in het circuit te komen neem je soms voor lief dat niet alle vergaderingen even interessant of relevant zijn. Wanneer je eenmaal een goed netwerk hebt, kan je (en moet je) in dit opzicht selectiever worden. Zorg dat anderen je weten te vinden, ook als ze je niet van gezicht kennen, door vermelding van de Fietsersbond in de telefoongids, de gemeentegids en dergelijke.

Sta open voor argumenten

Je verwacht dat je gesprekspartner open staat voor dialoog en eigenlijk hoop je de ander te kunnen overtuigen van jouw gelijk (door jouw gespecialiseerde kennis en inzicht zie je vanuit een beperkt perspectief de dingen vaak scherper). Dit heeft alleen kans van slagen als jij ook echt open staat voor andermans argumenten. Vaak zullen die je niet kunnen overtuigen (bijvoorbeeld omdat ze gebaseerd zijn op beleidsuitgangspunten waar je het al niet mee eens bent), maar soms heb je zelf domweg een argument over het hoofd gezien.
Ook kan je door goed te luisteren naar de argumenten van je gesprekspartner je eigen verhaal zodanig aanpassen dat het beter op het zijne aansluit. Wanneer je bijvoorbeeld lobbyt voor een vier-richtingen-groen stoplichtsysteem op een bepaald kruispunt, kan je dit zowel brengen als een doorstromingsmaatregel voor fietsers, als een verkeersveiligheidsmaatregel (omdat het verkeerslicht daarmee zogenaamd ‘conflictvrij’ wordt). Afhankelijk van de belangstelling van je gesprekspartner zal de ene formulering effectiever zijn dan de andere.

Tips

Herhaling is de kracht van het argument
Voor actieve fietsers lijken bepaalde argumenten voor goed fietsbeleid zulke open deuren, dat je je schaamt ze nog te noemen. Toch geldt dat niet voor iedereen. Aarzel dus niet bijvoorbeeld in je brieven naar de gemeente, maar ook in je persberichten nog eens te vertellen dat fietsen een gezonde, milieuvriendelijke wijze van vervoer is, dat de fiets weinig ruimte inneemt, dat er onevenredig veel geld wordt uitgegeven aan autoverkeer, dat 50% van de autokilometers opgaat aan ritjes korter dan 7 kilometer, enzovoort.

Sluit aan bij de actualiteit
‘Zoals de minister vanmorgen op de radio ook al zei’, is overtuigender dan ‘zoals wij al jaren roepen’. Maar ook: ‘Nu u toch de Dorpsstraat gaat verleggen, kunt u wellicht meteen…’. Weet wat de plannen zijn en speel daar op het juiste moment op in.

Gebruik de argumenten van de tegenstander
Als de gemeente bijvoorbeeld in het beleidsplan of in het verkeerscirculatieplan (VCP) heeft uitgesproken dat het stimuleren van het fietsverkeer een belangrijke doelstelling is, haal die uitspraak dan zo vaak mogelijk van stal. Je vraagt iets, bijvoorbeeld de drukknoppen voor fietsers bij stoplichten te vervangen door detectielussen, en je zegt onmiddellijk dat de gemeente het ongetwijfeld met je eens is, want in het VCP staat immers…..

Blijf alert
Niets is veranderlijker dan de mens, dus blijf naar standpunten en procedures informeren, ook al denk je het antwoord te weten. In je contacten met de overheid zou de vraag: ‘En hoe gaat het nu verder?’ aan het einde van een contact standaard moeten opkomen.

Reageer gedoseerd (op plannen, nota’s en voorstellen)
Benader telefonisch een ambtenaar als het om details gaat, reageer mondeling in de commissie of de raad als het om beleidsvoornemens gaat, schriftelijk aan de raad en/of het college als je het wat formeler wil maken, of als je ingewikkelde zaken uit te leggen hebt.

Informeer anderen adequaat
Politici krijgen enorm veel informatie te verstouwen. Presenteer jouw informatie daarom helder, kort en bondig met een korte samenvatting of conclusie. Houd de toon neutraal en pas op voor een negatieve uitstraling.

Zie ook het item ‘Nota schrijven’ onder ‘Service & afdelingsbeheer’ en dan bij ‘Praktische ondersteuning’.

Versterk je lobby met actie
Met de inzet van actie en publiciteit kan menige lobby extra kracht worden gegeven. Zie ook Acties

Publiciteit
Informeer de plaatselijke media altijd en zorg dat daarin je activiteiten goed worden belicht. De invloed van de regionale media op de politiek is vaak opvallend groot, bijvoorbeeld omdat raadsleden kritische vragen gaan stellen aan het college. Zie ook Omgaan met de media.

Informeer je achterban
Lobbyen is doorgaans onzichtbaar werk. Houd je achterban op de hoogte, bijvoorbeeld via het afdelingsblad), zowel van de behaalde resultaten als tegenvallers en leg dan ook uit waarom iets niet gelukt is.

Verschillende stadia

Actief
Je bemoeit je in een zo vroeg mogelijk met de gemeentelijke planvorming of je brengt zelf een onderwerp aan de orde:

  • zorg ervoor dat ambtenaren de Fietsersbond nuttig vinden en je uitnodigen voor de informele brainstormfase
  • weigert een ambtenaar in dit stadium met je te praten, probeer dan via zijn baas de wethouder druk uit te oefenen (deze laatste een politiek figuur en dus beter aanspreekbaar, desnoods via de krant )
  • bedenk goed wie je wanneer en hoe benadert (politici, potentiële medestanders)
  • probeer een koppeling te maken tussen jouw onderwerp en zaken die zij interessant vinden
  • voer actie en schakel de pers in om maatschappelijke druk op te bouwen
  • nodig de verantwoordelijke wethouder bij de actie uit en geef hem daar de gelegenheid een toezegging te doen

Bij belangrijke besluiten van overheden zijn er altijd wel een of meerdere momenten waarop die overheid naar de burgers luistert (of moet luisteren). Zo kan er inspraak vooraf zijn op plannen. Begin vooral vroeg in de planvorming met lobbyen. Je kan dan vaak met relatief weinig inspanning verrassend veel verbeteringen bewerkstelligen. Draag je (goede) ideeën aan bij politici en vooral ook bij ambtenaren. Als je dat kan doen voordat er een letter op papier staat, kunnen ze rekening houden met jouw ideeën zonder enig gezichtsverlies te lijden. Sterker nog, als je ze weet te overtuigen hoe goed jouw ideeën zijn, zullen ze jouw plannen op schrift stellen alsof ze ze zelf bedacht hebben ! Omdat je in dat geval het meeste invloed hebt, moet je ze vooral in die waan laten, hoe moeilijk het soms ook voor jezelf is. Om dit gedaan te krijgen moet er het nodige achter de schermen gepraat worden: het lobbyen. Kenmerk van lobbywerk is het informele karakter en een zekere mate van vertrouwelijkheid. Goede gesprekspartners zijn mensen die luisteren en die ook nog invloed in het ambtelijke of politieke apparaat hebben. Als je zulke mensen kunt vinden is lobbyen vaak een effectieve manier van beleidsbeïnvloeding, veel effectiever dan de formele inspraak.
Dat neemt natuurlijk niet weg dat als de lobby geen resultaat gehad heeft, je moet overwegen alsnog van de formele inspraak gebruik te maken. Door goed lastig te zijn zullen ambtenaren en politici de volgende keer meer rekening met je houden, waardoor je voor jezelf ruimte geschapen hebt om dan wel effectief te kunnen lobbyen.

Reactief
Er gebeurt iets en je reageert daarop:

  • reageer vooral snel, want na een paar dagen is een issue geen issue meer
  • benader raadsleden desnoods thuis (hiervoor is het nodig dat je je informele contacten goed hebt onderhouden)

Mocht het niet lukken in een vroeg stadium mee te praten, dan kan je als individu of als club (eigen rechtspersoon) achteraf bezwaar aantekenen. Nadeel van deze methodes is dat je reageert op plannen die al op papier staan. Meestal ontstaat er dan de klassieke ‘slikken of stikken situatie’: veranderingen zijn niet meer aan de orde, dus vermijd deze situatie liever.

Evaluatie

Om een goede afrekening van je inspanningen te maken, moet je niet alleen naar het eigenlijke onderwerp kijken, maar vooral ook naar de gevolgen op aanpalende terreinen. Wie is er allemaal gemobiliseerd? Wat zijn de gevolgen op aanpalende beleidsterreinen geweest? Welke contacten heb je met de pers opgebouwd? Is er een omslag van denken voor de toekomst bewerkstelligd? Door al deze zaken in kaart te brengen kan je je eigen invloed beter analyseren. Dit helpt om demotivatie te voorkomen.
Tenslotte, lobbyen is één van de manieren om te werken aan de belangen van fietsers. Vaak een heel effectieve. Je zet je in als vrijwilliger voor de Fietsersbond omdat je de belangen van fietsers een serieuze zaak vindt. Lobbyen is in die zin een serieuze aangelegenheid, maar zorg dat je er ook de lol van blijft inzien. Het is immers ook een spel tussen mensen en je kan het lang volhouden, als je het een leuk spel vindt.

Informatie wordt achtergehouden
In een enkel geval zal men bepaalde informatie niet willen geven. Als het om een overheidsinstantie gaat, waarvan je zeker weet dat die de informatie wel heeft, dan kan je overwegen een beroep te doen op de Wet Openbaarheid van Bestuur. In veel situaties (maar niet alle) kan je inzage in gegevens met deze wet afdwingen. Het is wel een moeizame procedure waar je geen vrienden mee maakt, dus zet dit middel niet te snel in. Vaak zal ermee dreigen al voldoende helpen. Realiseer je ook dan dat dreigementen hun consequenties kunnen hebben.

Zie ook ‘Wet Openbaarheid Bestuur’ onder het menu ‘Procedures starten’.

Voorbeelden