Fietsstraten

Een fietsstraat is een erftoegangsweg met maximaal 30 km, waarvan de inrichting is afgestemd op de functie van een doorgaande en drukke fietsroute. Er kunnen andere functies gelden: oversteken, spelen, winkelen, wandelen etc. Autoverkeer komt er slechts in kleine beetjes en rustig rijdend.

24838925037_8cb8c74bc5_k-1

Welke voordelen biedt de best mogelijke fietsstraat?

Straten met hobbelige klinkers en hinderlijke verkeersdrempels veranderen in comfortabele rood-asfaltstraten met drempels. Ze gaan mee in de gladheidsbestrijding, hebben voorrang op zijstraten en geleiden de fietser door de woonwijk, die anders een doolhof voor doorgaande fietsers zou blijven. De druk van autoverkeer is laag, minder dan 2500 auto’s per etmaal. Vaak was dat zo voordat de fietsstraat in beeld was, zoals bij het Muntkwartier in Utrecht. Omgekeerd kan een eenmaal verworven fietsstraatstatus leiden tot autoluwe maatregelen die eerder al nodig  waren. En voeren fietsroutes over erftoegangswegen langs leukere stadsdelen dan routes langs verkeersaders. Overigens mogen ventwegen in fietsstraten worden omgezet.

Standpunt Fietsersbond

De Fietsersbond is een warm voorstander van de fietsstraat om het hoofdnet fiets in en tussen dorpen en steden te realiseren en vorm te geven. Fietsstraten dragen bij aan de ontvlechting van auto- en fietsroutes. Het is prettiger, veiliger fietsen in schonere lucht. Er is meer ruimte dan langs een verkeersader. Fietsstraten helpen om het hoofdnet fiets meer samenhang en bekendheid te geven te midden van de wirwar aan straatjes in woonwijken. Een ideaal hoofdnet fiets bestaat uit fietspaden en fietsstraten. Fietsstraten zijn, naast fietspaden, deel van het geraamte van straten dat mee gaat in de gladheidsbestrijding. Solitaire fietspaden zijn beter. Maar we hebben fietsstraten nodig omdat we niet overal ruimte hebben om fietsroutes over aparte fietspaden te leiden.

Wettelijke status

De wettelijke status van de fietsstraat is in Nederland niet geregeld. Daarmee is de fietsstraat niet illegaal: alle kenmerken en voorzieningen van een fietsstraat zijn wettelijk toegelaten als onderdeel van de vrijheid die wegbeheerders hebben om erftoegangswegen vorm te geven.  Zo is de fietsstraat een voldoende herkenbare fietsroute-voorziening om de voorrang te regelen ten bate van de fietsroute ten opzichte van andere erftoegangswegen.

Zijn fietsstraten buiten de kom mogelijk?

Het CROW Handboek Wegontwerp ziet ze daar liever niet, omdat er te weinig fietsers zouden zijn om ‘auto te gast’ en ‘voorrang bij zijwegen’ te  vragen.  De Fietsersbond wil de toepassing ervan buiten de kom mogelijk houden, als onderdeel van een snelfietsroute of als kader voor bescherming van school/woonwerkfietsroutes over een deel van het landelijke erftoegangswegennet tegen sluipverkeer en landbouwverkeer. Ook parallelwegen langs N-wegen worden wat ons betreft fietswegen in de voorrang.

Welke valkuilen zijn er met fietsstraten?

Bewonersinspraak

Bewonersinspraak leidt er soms toe dat belangrijke kenmerken van de fietsstraat komen te vervallen in het ontwerp. Resultaat: klinkers in plaats van asfalt, of zelfs hinderlijke klinkerplateaus tussen de asfalt wegvakken (Utrecht: Cremerstraat). Of geen voorrang of aanhoudende verkeershinder. Omgekeerd komt ook voor: bewoners willen rust / minder verkeer in de straat en denken die met een fietsstraat binnen bereik te krijgen. Voor Fietsersbondsvrijwilligers komt het aan op het realiseren van zoveel mogelijke kenmerken van de ideale fietsstraat, in de wetenschap dat we met lege handen blijven zitten als het plan sneuvelt. Het alternatief is slechts de bestaande erftoegangsweg. Soms komt het voor dat de belevingswaarde van de oude weg met goede fietsbaarheid het wint van het fietsstraatontwerp dat in de inspraak zit. Het begin en einde van een fietsstraat worden weleens onvoldoende aangegeven, en de fietsstaat gaat over in een bedrijventerrein weg (Keulsekade Utrecht).

 

het vinden van een compromis

Het vinden van een compromis tussen fiets en bewoners/ gemeente is soms verrassend eenvoudig. Als de fietsroute het stads- of dorpshart nadert, hoeft er weinig bezwaar te zijn tegen een stukje fietsvriendelijke klinkers in plaats van asfalt. In zeer rustige omgevingen doet voorrang voor de hoofdfietsroute er weinig toe en kan voorrang van rechts blijven gelden. Als bewoners zelfs na een excursie aan goede voorbeelden van fietsstraten elders ‘tegen’ blijven, kan desnoods volstaan worden met het achterwege laten van het fietsstraatbord, maar wel betere klinkers of asfalt te leggen en de weg in het strooischema te zetten.

kruispunten met verkeersaders

Veel lastiger oplosbaar zijn de onvermijdelijke kruispunten tussen fietsstraten/solitaire fietspaden en verkeersaders. Deze kruispunten zijn onvoldoende opvallend voor de automobilist op de verkeersader en voor de fietser op de route met de fietsstraat een grote hindernis uit de voorrang. Voldoende brede middeneilanden op de verkeersader en oversteken zonder afslaande auto’s helpen de fietser het gat tussen de in elkaars verlengde fietsroutes te overbruggen. Fietsstraten moeten niet te smal worden uitgevoerd, zodat een fietser niet klem wordt gereden bij het ontmoeten van elke auto. Welke breedte gewenst is, geeft het CROW Fietsberaad aan. Te smalle straten met dichtgeparkeerde kanten of woonerven zijn niet geschikt voor fietsstraat.

 

 

Verder lezen bij het CROW Fietsberaad

Categorieën

Jan van der Horst

Jan van der Horst

Verkeerskundig medewerker